Types mediatie

De wet op de bemiddeling van 21 februari 2005, verschenen in het Belgisch Staatsblad van 22 maart 2005, erkent twee types van mediatie: de vrijwillige mediatie en de gerechtelijke mediatie.

  • Bij vrijwillige mediatie schakelen de partijen zonder tussenkomst van een rechter een mediator in. Dit type van mediatie wordt geregeld door de artikelen 1730 tot 1733 van het Gerechtelijk wetboek. Het voorstel tot mediatie gebeurt het best per aangetekende brief: volgens de wet heeft hij de waarde van een ingebrekestelling. Bovendien worden op die manier de vorderingsrechten een maand opgeschort. Tijdens die periode kan de zaak niet verjaren. Dit laat alle partijen toe het voorstel rustig te bekijken. Als de vrijwillige mediatie geen bevredigend resultaat oplevert, kunnen de partijen de zaak vooralsnog voor de rechtbank brengen.
  • Gerechtelijke mediatie vindt plaats in het kader van een rechtsprocedure. Ofwel vragen de partijen gezamenlijk aan de rechter om ze op te leggen, ofwel stelt de rechter ze zelf voor. Alle partijen moeten daarmee instemmen. De rechtsprocedure wordt dan verdaagd. Dit type van mediatie wordt geregeld door de artikelen 1734 tot 1737 van het Gerechtelijk wetboek. Als de gerechtelijke mediatie volledig of gedeeltelijk mislukt, wordt de eerder ingeleide gerechtelijke procedure voortgezet.

Beide vormen van mediatie kunnen worden onderbroken op eenvoudig verzoek van een der partijen. Ook de mediator kan ertoe besluiten, als hij vindt dat de spelregels niet worden gerespecteerd of als hij oordeelt dat hij niet meer bij machte is zijn rol op gepaste wijze te vertolken. In dat geval brengt hij de partijen daarvan op de hoogte en kan hij hen desgevallend in contact brengen met een collega.


Er wordt ook een onderscheid gemaakt tussen rechtstreekse en onrechtstreekse mediatie.

  • Rechtstreekse mediatie houdt in dat de partijen met elkaar dialogeren, daardoor beter begrijpen waar de oorsprong van het geschil ligt, en hun onderlinge band in stand houden of herstellen. Als het water toch te diep blijkt te zijn, kan de mediator de techniek van de caucus gebruiken. Deze houdt in dat de mediator een gesprek zal voeren met beide partijen afzonderlijk alvorens de partijen opnieuw samen rond de tafel te brengen.
  • Onrechtstreekse mediatie is aangewezen als de partijen elkaar niet willen ontmoeten maar er toch de voorkeur aan geven het geschil niet in de rechtbank af te handelen. Het biedt ook een oplossing als de geografische afstand tussen de partijen te groot is, bijvoorbeeld bij grensoverschrijdende geschillen.

Mediatie gebeurt altijd op vrijwillige basis. Zelfs bij gerechtelijke mediatie kan niemand verplicht worden eraan deel te nemen.